Brugpensioen Ford Genk kost overheid 200 miljoen euro

09/11/12 om 08:41 - Bijgewerkt om 08:41

Bron: Trends

Als de werknemers van Ford Genk vanaf hun 50ste met brugpensioen kunnen gaan, kost dat de staatskas 200 miljoen euro. Ford Genk moet met 179 miljoen euro over de brug komen.

Brugpensioen Ford Genk kost overheid 200 miljoen euro

© Reuters

Als de werknemers van Ford Genk vanaf hun 50ste met brugpensioen kunnen gaan, kost dat de staatskas 200 miljoen euro. Ford Genk moet met 179 miljoen euro over de brug komen.

De vakbonden willen dat de ontslagen werknemers van Ford Genk vanaf hun 50ste met brugpensioen kunnen gaan. Op basis van de cijfers die de RVA hanteert voor de berekening van het brugpensioen - of de werkloosheidsuitkering met bedrijfstoeslag, zoals het nu heet - kunnen de kosten van zo'n maatregel in kaart worden gebracht. De bruggepensioneerde krijgt een werkloosheidsuitkering van 1224 euro per maand, die niet-degressief is. Ze wordt betaald tot aan het wettelijk pensioen op 65 jaar. Hetzelfde geldt voor de toeslag die de werkgever moet betalen.

Zelfs als brugpensioen mogelijk is, zal niet iedereen op zijn 50ste vertrekken. In dit geval wordt uitgegaan van een gemiddelde uittredingsleeftijd naar het brugpensioen van 54 jaar. Dat betekent dat er gedurende 11 jaar een werkloosheidsuitkering met bedrijfstoeslag moet worden betaald. Die zou gelden voor 1800 van de ontslagen werknemers.

Gespreid over 11 jaar komen we aan een kostprijs van 291 miljoen euro voor de sociale zekerheid. Daar moeten we een bijzondere bijdrage op het brugpensioen aftrekken die de werkgever afdraagt - de zogenoemde Decava-bijdrage. Hier is dat 87 miljoen euro.

Het gevolg is dat de totale kosten voor de gemeenschap oplopen tot 204 miljoen euro. De Decava-bijdrage en de toeslag die Ford Genk als werkgever aan zijn ex-medewerkers moet betalen, lopen samen op tot 179 miljoen euro.

Beslissen de vakbonden, de werkgevers van Ford Genk en de federale minister van Werk dat brugpensioen pas vanaf 55 jaar mogelijk is, waarbij de gemiddelde uittredeleeftijd van 59 jaar wordt gehanteerd, dan lopen de totale kosten van het brugpensioen voor de overheid op tot 60 miljoen euro. Ford Genk moet in dat geval 33 miljoen euro inbrengen.

Een derde piste bestaat erin geen brugpensioen toe te staan. De 1800 werknemers van Ford die daarvoor in aanmerking kwamen, worden dan werkloos. Maar ze worden niet aan hun lot overgelaten, want sinds een aantal jaren is de activering en de opvolging van 50-plussers door de VDAB en de RVA gestaag toegenomen. De VDAB activeert sinds dit jaar tot 58 jaar, de RVA voert de controle straks op tot 55 jaar.

Als een belangrijk deel van de 1800 werknemers dankzij dat activeringsbeleid een baan krijgt en dus sociale bijdragen betaalt, is dat in vergelijking met het brugpensioen een financiële bonus voor de sociale zekerheid.

In de hypothese dat 900 van de Ford-werknemers boven de 50 jaar opnieuw aan de slag kunnen gaan en de andere helft niet, bedragen de nettokosten voor de gemeenschap 5 miljoen euro. Ford Genk moet dan met 28 miljoen euro over de brug komen. Als ze beginnen te werken, krijgen die ex-Ford-werknemers van hun oude werkgever een werkhervattingstoeslag uitbetaald. (AM)

Lees meer over:

Onze partners