Daan Killemaes
Daan Killemaes
Hoofdredacteur Trends
Opinie

08/11/13 om 09:22 - Bijgewerkt om 09:22

Aan het einde winnen de Duitsers

Een hoger pensioen en hogere minimumlonen, en wellicht meer geld voor overheidsinvesteringen en onderwijs. Wat in bijna alle Europese landen, België incluis, onbetaalbaar en ondenkbaar is, wordt wellicht het brood op de plank om in Duitsland Merkel III en een coalitieregering van CDU en SPD in het zadel te helpen.

De Duitsers willen die maatregelen nemen omdat ze dat kunnen, na ruim een decennium van hard labeur. Tot grote opluchting van de rest van Europa, want een herneming van de Duitse consumptie is zowat het beste wat Europa op dit moment kan overkomen. Het contrast met België is vrij groot. Wij teren nog op oude voorraden, en als we nu niet zaaien, zullen we over tien jaar niet kunnen oogsten, maar wel moeten bedelen zoals de zuiderse eurolanden dat de afgelopen jaren moesten doen.

België zit nog in de ontkenningsfase. De regering-Di Rupo voert de relatief goede Belgische groeicijfers van de jongste jaren op om te bewijzen dat het 'Belgische model' werkt. Daar horen een paar kanttekeningen bij. De Belgische groeicijfers werden de voorbije jaren in grote mate overeind gehouden door immer stijgende overheidsbestedingen, ondanks de besparingsretoriek van de regering. Minder extra uitgeven, hogere belastingen, eenmalige maatregelen..., volgens de federale regering valt dit allemaal onder de noemer besparen. Royale overheidsbestedingen zijn handig als 'automatische stabilisator' in moeilijke tijden, maar dit beleid gaat ten koste van een grondige sanering van de overheidsfinanciën, een aanhoudende recordbelastingdruk en een aftakeling van de concurrentiekracht van de bedrijven. Het Belgische model is een echo van het behoorlijk catastrofale Franse model, dat door de hoge vastgoedprijzen ook nog eens gevaarlijk Spaanse precrisistrekken vertoont. Bovendien, echt 'formidable' zijn de Belgische economische prestaties nu ook weer niet. Tegenover de beter presterende Europese landen valt onze groei vrij mager uit.

Onze economie doet het zoals de Rode Duivels: stevig tegenover de zwakkere landen, maar een maatje te klein tegenover de sterkere landen. Om wereldbekerniveau te halen, moeten we een deel van de Duitse strategie overnemen. Om de voormalige Engelse voetballer Gary Lineker te parafraseren: de eurocrisis is een gevecht tussen zeventien landen, en aan het einde winnen de Duitsers.

Een copy paste van het Duitse beleid is natuurlijk ook niet nodig, want het bijzonder harde beleid van loonmatiging, dat de winsten en de concurrentiekracht van de Duitse bedrijven herstelde, was ook een noodzakelijke reactie op de schok van de Duitse eenmaking. Toen Duitsland daar in 2007 een interne devaluatie bovenop gooide, door de btw te verhogen en de lasten op arbeid te verlagen, was de kloof met en de onvrede uit Frankrijk nooit zo diep en bitter. Frankrijk zag en ziet Duitsland als een zwart gat voor de Europese economie, waarbij Duitse bedrijven orders inpikken van de Europese concullega's, zonder zelf voor bestellingen te zorgen. Deze kritiek resoneert vandaag ook in het Europese onderzoek naar het 'overdadige' Duitse overschot op de handelsbalans, wat in Duitsland terecht als quatsch wordt gezien. Want in realiteit hebben Duitse bedrijven vooral orders op de groeimarkten veroverd, ook dankzij kwalitatieve producten waarvoor in de groeilanden een grote vraag bestaat. Gelukkig verandert de tijdsgeest in Duitsland naar een 'gecontroleerde decompressie', om het met de woorden van Deutsche Bank te zeggen, en schakelt het land deels over naar het Frans-Belgische model. De stijgende lonen en de aantrekkende werkgelegenheid zorgen voor meer binnenlandse vraag in Duitsland, en zelfs voor hogere woningprijzen. De Duitse binnenlandse vraag vertrekt van een laag niveau, maar de trend is duidelijk opwaarts gericht, en is een krachtige motor achter het schuchtere Europese herstel.

De spanningen tussen Duitsland en Frankrijk, die de toekomst van de euro en het hele Europese project gijzelen, manifesteren zich ook op Belgisch niveau. Vlaanderen wil niets liever dan een meer Duits geïnspireerd economisch beleid voeren, terwijl de federale regering het onhoudbare Belgisch-Franse model verdedigt. Vlaanderen is economisch een Duitse deelstaat, maar wordt bestuurd als een Frans departement. Als het federale België wil overleven, moet het economische beleid op een meer Duitse leest geschoeid worden. Een harde compressie van de binnenlandse vraag hoeft niet, maar loonmatiging is wel aan de orde. Ook de Hartz IV-arbeidsmarkthervormingen uit 2003 kunnen heel inspirerend zijn; ze gaven de Duitse werkgelegenheid een stevige boost. Duitsland schuift op naar ons model, nu wij nog naar hun model.

Volg Daan Killemaes ook op Twitter

Onze partners